Hier
ben ik weer. Tijd om jullie eens mee te nemen in mijn culinaire avonturen.
Nadat
ik enig colliekindje werd, was het best zoeken naar een eigen culinaire smaak
en routine. Tot dusver was ik altijd de gemakkelijke eter die, in vergelijking
met de tricolore oppergod Elio, netjes mijn bordje leegat en nauwelijks
kakkebroeken had of moest spugen of overgeven.
Maar
dat wil natuurlijk niet zeggen dat ik alles zomaar lekker en eetbaar vind.
Gaandeweg heb ik een heel eigen smaakpalet en voorkeur ontwikkeld. En laat dat
nu precies iets zijn waar de sukkels een leerschool in te gaan hebben.
Vrijwel
meteen heb ik streng gecommuniceerd dat ze de grote verpakkingen kvv, bedoeld
voor twee uit de kluiten gewassen collies, mochten schrappen van het menu. Geen
enkele zichzelf serieus nemende Goudlokkige adonis eet twee keer dezelfde kost
op één dag. Is toch pure logica. Een restjeseter ben ik ook geenszins, dus de
andere portie de volgende dag opdienen, dat hoeven ze niet in hun sukkelbrein te
halen. Duidelijk!
Zo
kwam het dus dat ik, op de achterbank van taxi Goudlokje, werd meegetroond naar
de plaatselijke natuurvoedingswinkel voor honden, waar de mannelijke sukkel een
voorraad kleine verpakkingen diepvriesvoer ging scoren.
Dat
was alvast een stap in de goede richting. Ware het niet dat hij dacht zich
frivoliteiten te kunnen permitteren, onder de vorm van andere merken, smaken en
samenstellingen, waar Elio destijds zijn langneus stevig voor had opgetrokken.
Voor minderwaardig voer moeten ze mij alvast niet roepen. ik heb een culinaire reputatie hoog te houden.
Wel
hij heeft mij zwaar onderschat. Mijn onfeilbare geur- en smaakzin gingen meteen
in overdrive. Alles waar ook maar enige vorm van vis of vismeel in verwerkt
zit, inclusief zalmolie en aanverwante troep, dat mogen ze feestelijk zelf
opeten. En dat had hij dus snel door.
Vrij
vlug kreeg ik als jonge hoogblonde koninklijke majesteit het voorrecht van een
voorproever (enfin ruiker). De mannelijke sukkel wist in no time te
determineren of er (los van de vermeldingen op de verpakking, welke uiteraard
voorwerp van grondige studie uitmaken in de winkel) toch niet enige visachtige geur
te ontwaren viel in het voer dat hij zinnens was mij voor te schotelen. Bij
sommige soorten voeding, werd karakteristieke geur pas bij kamertemperatuur
duidelijk.
Gelukkig
beschikken we hier over een ploeg boederijkatten, “de buitenwacht” genoemd, die
wat blij zijn met mijn culinaire afdankertjes. Deze worden op het terras onder
het afdak uitgestald. Zo zie je maar dat ik best vrijgevig ben naar die
katbeesten toe.
Dat
ik af en toe daar alsnog aan het smikkelen ga, dat vertellen jullie niet verder
toch?
Als
zo’n fatale odeur opstijgt boven mijn netjes gedresseerd bordje quenellen, mag
het duidelijk zijn dat het tijd is voor plan B. Mij deze meuk voorschotelen
heeft geen enkele zin.
Tijd
dus om een schaaltje of blikje Edgard & Cooper of Rocco Pure beef te laten
aanrukken.
Indien
niet te vaak voorgeschoteld, wil ik in mijn welwillendheid deze natvoer maaltijd
best verorberen.
Brokken,
daar hoeven ze mij niet voor te bellen. Dat zelfde geldt trouwens voor het overgrote
deel van de hondensnoepjes.
Naast
het eten en mijn natuurlijke kauwdingetjes (bullepees, kippenfilet en eendenfilet reepjes
en meer van die dingen), wil een beetje Goudlokkige hoogheid uiteraard nog wel
eens wat qua versnaperingen.
Ik
laat hierbij mijn inmiddels bekend sigaartjes betalingssysteem even buiten
beschouwing.
Nu
krijgen de zijdehoenerdames in de ren elke namiddag een koekje. Dat had ik snel door en
daar moest ik toch even het mijne van weten en vooral proeven.
Eierwafels
en vanillewafels, Madeleine cakes en lange vingers, dat lust ik ook. Daar wil
ik dus mijn deel van. Heb ik even geen trek op dat moment, dan begraaf ik de
lekkernij in de tuin. Een slimme hond bewaart wat voor de honger die komt! Zo is
het toch?!
En konijn Serafientje, die intussen bij de dierenarts van mannelijke kunnen bleek te zijn, krijgt elke dag een paar van die nic nac letterkoekjes. Echt lekker vind ik die niet, maar toch laat ik mij daardoor niet ontmoedigen. Je kan die dingen ook heerlijk fijnmalen en vervolgens uitspugen op de vloer. De sukkels vinden dat geniaal, want ze staan al met een doekje klaar. Toch fijn als je van dienst kan zijn.
Hopelijk
hebben jullie je sukkels ook de nodige voer etiquette bijgebracht collega’s.
Uiteindelijk doen we het in hun eigen voordeel. Als wij niet smakelijk eten,
maken ze zich alleen maar druk en worden ze ongerust over ons leven en welzijn.
Wees
dus de slimste en maak je wensen en verlanglijstje duidelijk, anders zijn ze
toch weer de sigaar.












Weer geweldig mooi geschreven! En zo herkenbaar.
BeantwoordenVerwijderenGeweldig
BeantwoordenVerwijderen